België komt om in de asielzoekers - Fedasil ‘Alles is vol’
Door: Arnold Karskens
Voor asielzoekers in België is het bedje gespreid. Sommige worden
ondergebracht in hotels, andere ontvangen 500 euro per dag. Het gevolg is
een massale toestroom.
Op de winderige straathoek aan de Antwerpsesteenweg tussen de wolkenkrabbers
van het World Trade Centre staat Abdul, kort kroeshaar, te kleumen van de
kou. De 29-jarige inwoner van Ivoorkust vroeg twee weken geleden asiel aan.
‘Om sociaal-politieke reden.’ Als bewijs van zijn nieuwe status toont de
verkoper een A4’tje met zijn foto. Daarmee moet hij het doen. Een onderkomen
zit er niet in. ‘Alles is vol.’ Met tientallen lotgenoten zwerft hij rond
het station van Brussel-Noord. Een slaapplek vindt hij op karton onder een
brug. Abdul heeft recht op een vergoeding van 500 euro per dag omdat
Fedasil, het Federaal Agentschap voor de Opvang van Asielzoekers, de
wettelijke verplichting niet nakomt: onderdak verlenen aan iedereen die
asiel aanvraagt. Een collega-vluchteling uit Congo diende via zijn advocaat
een klacht in bij een Brusselse rechtbank die hem in het gelijk stelde en
Fedasil een dwangsom oplegde van 15.500 euro voor 31 dagen buiten
bivakkeren.
Voor Abdul tikt de teller ook: ‘Mijn advocaat zegt: ‘wachten’.’
Opvangorganisatie Fedasil heeft sinds november vorig jaar 330.000 euro
uitgekeerd aan klagende asielzoekers. ‘Maar veel zaken zijn nog niet
afgehandeld, want we gaan systematisch in beroep’, zegt woordvoerster Mieke
Candaele. Het totaalbedrag kan inmiddels in de miljoen euro’s zijn gelopen,
al durft ze zelf geen bedragen te noemen.
Een medewerkster van de Arbeidsrechtbank in Brussel, die claims behandelt,
vertelt dat er dagelijks tien tot vijftien nieuwe uitkeringsaanvragen
binnenkomen. De geldsommen die worden toegewezen zijn enorm. ‘Ik heb
bedragen gezien van 52.000 euro. Voor gezinnen met vader en moeder en zes
kinderen loopt de rekening snel op.’ Waarom er geen wetswijziging komt die
zulke uitwassen beperkt weet ze niet: ‘Dat vragen wij ons al twee jaar af.
We hebben geen stabiele regering en het is blijkbaar geen prioriteit.’
Volgens Els Keytsman, directeur van Vluchtelingenwerk Vlaanderen, een
organisatie die zich bekommert om asielzoekers, hebben de vorstelijke
uitkeringen een ‘aanzuigende werking’. Verhoudingsgewijs ligt het aantal
aanvragen voor asiel in België viermaal hoger dan in de omliggende landen.
Voor zo’n 18.000 mensen is opvang geregeld, maar velen slapen in parken en
brandgevaarlijke woningen. En de winter staat voor de deur. ‘In België is
sprake van een humanitaire crisis die dreigt om te slaan in een ramp.’ Vorig
jaar herfst stonden duizend mensen op straat. Nu is voor zesduizend
aanvragers geen onderkomen geregeld.
De Belgische overheidsinstantie Fedasil schat dit cijfer lager omdat
inmiddels een onbekend aantal asielzoekers het land heeft verlaten. De
oorzaak van de huidige asiel-?ellende in België wortelt volgens haar in 2007
toen de financiële steun voor asielzoekers werd afgeschaft en vervangen door
uitsluitend materiële steun: bed en eten. ‘Maar die is er niet altijd.’ In
2008 begon de opvang in hotels van enkele tientallen mensen. Inmiddels
logeren 1.200 asielzoekers in hotels. ‘Wij hebben altijd gezegd dat de
hotels geen oplossing vormen. Je stopt geen vrouw uit Guinee, slachtoffer
van genitale verminking, met twee dochters in een hotel zonder begeleiding.’
In totaal 23 hotels, vooral in Brussel, dienen als tijdelijke opvang.
Mohammed (50) logeert er sinds 28 juni. Grote luxe is het tweesterrenhotel
niet, verzekert hij. ‘Maar ik heb een kamer voor mezelf, want ik snurk.’ Hij
stort een handvol medicijnenstrips op tafel ‘voor mijn hart en suiker’.
Misschien is het bed zacht, maar vaak denkt hij aan zijn twee vrouwen en
negen kinderen die hij moest achterlaten. ‘Ik wil dat ze ook komen.’ In het
hotel logeren nog 24 asielzoekers. Iraniër Ali schuift met een glas thee
aan. Via Londen kwam hij in Brussel terecht. Omdat België niet het eerste
opvangland is, maakt hij volgens de regels van de Europese Unie geen
aanspraak op verblijf, maar hij woont hier intussen wel. Aan teruggaan denkt
hij niet. ‘Iran no good, no work, no money.’
Volgens Vlaams Belang-volksvertegenwoordiger Filip DeWinter zijn de
opvangproblemen voor vluchtelingen het gevolg van een soepel asielbeleid en
lakse wetgeving. ‘95 procent is asielbedrieger.’ Velen weten op voorhand dat
ze geen asiel krijgen, maar zien de aanvraag als een uitgelezen kans om het
land binnen te komen. Vervolgens duikt men onder en komt in handen van
sociaal werkers en advocaten. ‘Die rekken het verblijf van de asielzoeker
zodat ze om humanitaire reden uiteindelijk niet meer weg hoeven.’ Het
probleem in België zal alleen maar groeien, zeker nu buurlanden een strenger
toelatingsbeleid voeren. ‘Als een nieuwe regering niet ingrijpt is de
vloedgolf niet te stoppen.’
Zijn tegenstrever, parlementslid Karin Temmerman van de
sociaal-democratische partij SP.A, ziet weinig heil in het aanpassen van de
wet zodat de excessieve betalingen als 500 euro per dag tot het verleden
behoren. ‘Kijk, het is niet onze politiek van: kom binnen en hier heb je
geld. Maar de oorzaak ligt niet in het misbruik, maar bij het gebrek aan
opvang.’ De Antwerpse advocate Kathie Verstrepen, die in haar kantoor
honderden asielprocedures begeleidt, meent dat er ‘veel fabeltjes’ de ronde
doen. ‘Vaak wordt niet uitbetaald, maar krijgt de klager prioriteit bij de
opvang.’
Iedere ochtend is het aanschuiven voor de deur van Fedasil, aan de
Antwerpsesteenweg 59 in Brussel-Noord. Een dranghek en bewakers zien toe op
een rustig verloop. Mannen en vrouwen, veelal gehuld in een allegaartje aan
kleding, dienen hier hun eerste aanvraag in. Er worden foto’s gemaakt en
vingerafdrukken genomen. ‘Dit is de enige plek in België en dagelijks zijn
er soms twee- tot driehonderd’, meldt een bewaker. 22 etages hoger vertelt
woordvoerster Tine van Valckenborgh dat in de maand oktober 2.076
asielaanvragen werden gedaan. ‘Het hoogste aantal in de laatste negen jaar.’
Het demissionaire kabinet Yves Leterme heeft na veel zoeken 2.000
opvangplaatsen in vier kazernes in Bierset, Bastenaken, Weelde en
Houthalen-Helchteren en Civiele Bescherming in Gembloers gevonden, dat biedt
dus soelaas voor één maand. Door het raam wijst ze naar waar tot voor kort
honderden asielzoekers een kamp tussen de bosschages hadden gebouwd. ‘Het is
de derde wereld hier, absoluut.’
Oorlog in Irak en Afghanistan, mensen die om economische reden aankloppen,
de opvang die goed staat aangeschreven en de contacten in de diaspora, zo
verklaart Van Valckenborgh de magneetwerking van België. ‘De gemeenschappen
van Tsjetsjenen en Congolezen die hier al zijn, trekken op hun beurt
landgenoten aan.’
Het stuwmeer groeit. ‘De procedure voor een asielzoeker om te weten waar hij
aan toe is duurt zes tot negen maanden, terwijl die in Nederland enkele
weken bedraagt.’ Veel gelukzoekers zien de asielprocedure ook als een
eenvoudige manier voor gratis medische zorg. ‘Van de Armeniërs krijgt
misschien 1 procent asiel. Ze komen voor medische bijstand.’ Van Europese
harmonisatie van asielaanvragen is geen sprake. ‘In België krijgen Irakezen
makkelijker een voorlopig verblijf dan in Nederland.’
Wat de asielzoeker de Belgische gemeenschap kost kan staatsecretaris
Melchior Wathelet voor Migratie en Asielbeleid ‘onmogelijk becijferen’, zegt
een woordvoerder. Maar directeur Dirk van den Bulck van het
commissariaat-generaal voor de vluchtelingen en staatlozen, dat de
validiteit van de asielaanvragen controleert, wil uit de losse pols best een
rekensommetje maken. Hij komt tot ruwweg 20.000 euro per aanvraag. België
moet zoals elk land de komende jaren tientallen miljarden euro’s besparen.
‘Het draagvlak onder de bevolking ebt weg’, concludeert hij, omdat niemand
het pikt dat een asielzoeker per dag bijna evenveel krijgt als een
alleenstaande uitkeringstrekker per maand, namelijk 740,32 euro. ‘De echte
politieke vluchtelingen vallen zo buiten de boot.’ Op de vraag hoeveel
aanvragers Fedasil ontving met duidelijke fysieke sporen van
oorlogshandelingen, graaft Van den Bulck diep in zijn geheugen. ‘Enkele
maanden geleden was er een Afrikaan met sporen van foltering, maar dat is
eerder zeldzaam.’
Even verderop aan de Antwerpsesteenweg verleent vrijwilligster Frieda, een
vrouw met opgestoken blond haar, juridische bijstand aan een Kosovaar. Half
oktober vroeg die met vrouw en zes kinderen asiel aan. De familie slaapt in
het station van Brussel-Noord tegen de glazen pui met dekens op de grond. De
asielaanvraag heeft te maken met zijn vader die in 1999 is gedood. Frieda
hoort het geduldig aan. ‘De Roma hebben problemen in Kosovo’, weet ze. ‘De
discussie is alleen hoe erg.’ Een tafel verder slurpt een man uit het
Midden-Afrikaanse Burkino Faso met smaak de gratis soep naar binnen. Sinds 8
oktober staat hij ingeschreven als asielzoeker. Uit zijn jaszak vist hij een
witte gsm. Hij belt een advocaat, die neemt niet op. Weer geen uitsluitsel
of hij het compensatiegeld ontvangt. ‘België is niet goed’, stelt hij
verbitterd vast.
Buiten leunt Abdul tegen de muur. Ook hij heeft geen nieuws, niet over
opvang, niet over een geldbedrag. Op de vraag waarom hij voor België heeft
gekozen, geeft de Afrikaan een tweeledig antwoord. Eerst zegt hij dat hij
zich pas realiseerde dat hij in België was toen hij het vliegtuig uitstapte.
Om na een klaagzang te concluderen: ‘Ik dacht dat België het land was van de
mensenrechten.’ De mouwen van zijn trui trekt hij tot over zijn gebalde
vuisten. Ondanks de kou is hij niet van plan snel op te geven. ‘Ik blijf
hier zeker twee tot drie maanden.’
http://www.depers.nl/buitenland/522986/Belgie-is-vol-komt-allen.html