Slottoespraak Filip Dewinter “Vlaams geld in Vlaamse handen”
Brussel, 14 februari 2009 – De Schelp, Vlaams Parlement
Geachte Aanwezigen,
Dames en Heren,
Graag wil ik de sprekers, de deelnemers van het debat en u, het publiek, bedanken voor uw bijdrage aan dit interessante colloquium. Aan mij werd gevraagd om een aantal politieke conclusies te trekken uit datgene wat hier deze voormiddag werd verteld. Sta mij toe om kort en bondig te zijn.
1. Van solidariteit kan enkel sprake zijn indien de solidariteit legitiem is. De solidariteit tussen Oost- en West-Duitsland is legitiem omwille van het simpele feit dat de geldtransfers tussen Oost- en West-Duitsland noodzakelijk waren om de economische achterstand na meer dan 30 jaar communisme bij de hervereniging van Duitsland mogelijk te maken. Daarenboven behoren de Oost- en de West-Duitsers tot dezelfde natie, tot hetzelfde volk wat niet kan gezegd worden van Vlamingen en Walen.
2. Solidariteit kan niet bestaan zonder reciprociteit. De mythe van de omgekeerde transfer van Wallonië naar Vlaanderen in de vorige eeuw werd hier vandaag meer dan voldoende ontkracht. Op enige andere vorm van wederkerigheid uit Wallonië moeten we evenmin rekenen. Brussel-Halle-Vilvoorde splitsen, KBC redden, een efficiënte staatshervorming organiseren….. Het Waalse antwoord is gekend: non, njet, jamais!
3. Wallonië is van de transfers niet beter geworden. De noodzakelijke prikkel om een herstelbeleid in Wallonië te realiseren wordt weggenomen door de transfers. De transfers werken verlammend voor Wallonië en bestendigen het negatieve, sociale, politieke en economische Waalse status quo.
4. De transfers moeten zogezegd dienen om de socio-economische achterstand weg te werken.
5. Het sociaal economisch beleid in Wallonië is echter niet sociaal maar wel socialistisch. Om de sociale hangmatpolitiek van de Parti Socialiste (PS) te kunnen bestendigen is er geld nodig, veel Vlaams geld nodig, veel geld, niet om de socialistische achterstand weg te werken.
6. De conclusie is duidelijk: de geldtransfers van Vlaanderen naar Wallonië hebben niets te maken met solidariteit maar komen neer op ordinaire diefstal.
Beste Vrienden,
Dames en Heren,
De transfers, de miljardenstroom richting Wallonië is het product van het consumptiefederalisme. Niets is aangenamer voor een politicus dan het geld van de belastingbetaler, van de kiezers, te mogen uitgeven. Nog aangenamer wordt het wanneer politici van de ene regio het geld van de kiezers van een andere regio mogen uitgeven. Vlaams geld in Vlaamse handen houden betekent in de praktijk niet veel meer dan het in de praktijk brengen van het principe van het welbegrepen eigenbelang. Wanneer we vaststellen dat terwijl Vlaanderen rendeert Wallonië alleen maar verteert, is het geen schande om het eigen volk eerst-principe toe te passen. Wanneer we opkomen voor “Vlaams geld in Vlaamse handen” wordt ons onmiddellijk egoïsme, etnocentrisme en racisme verweten. Deze verwijten zijn onterecht, al was het maar omdat we van mening zijn dat we eerst voor onze eigen deur moeten vegen vooraleer we moeten vegen voor de deur van een ander. Wij willen zeker solidair zijn voor andere regio’s maar dan willen we op zijn minst zelf bepalen met wie en hoeveel.
Beste Vrienden,
Opvallend is in ieder geval dat de zogenaamde solidariteit tussen Vlaanderen en Wallonië neerkomt op éénrichtingsverkeer. Vlaanderen moet solidair zijn met Wallonië maar nooit omgekeerd! Toen nauwelijks een maand geleden de KBC-bank in de problemen kwam verhinderden Waalse politici zoals Onckelinx en Reynders dat er federaal geld zou worden gebruikt om KBC te redden. De Vlaamse Regering deed wat ze moest doen door twee miljard te lenen aan KBC. De Vlaamse regering bewees ongewild dat Vlaamse zelfstandigheid werkt. Wij zijn Wallonië niets verschuldigd. Integendeel, we krijgen alleen maar stank voor dank. De redding van KBC door de Vlaamse Overheid bewijst dat als het er echt op aankomt Vlaanderen niet op het door Wallonië gedomineerde federale België maar alleen op zichzelf kan rekenen. Wat we zelf kunnen doen moeten we zelf doen! Geen met België als het kan maar zonder België omdat het moet!
Beste Vrienden,
Ik loop even vooruit in de tijd. Het is 2050. België bestaat niet meer en Vlaanderen en Wallonië zijn twee onafhankelijke republieken. In een klein bouwvallig huisje in de cité van Luik zitten Jean en Louisa. Jean is een gepensioneerde postbode, militant van de FGTB en op pré-pensioen sinds zijn 48ste. Louisa was kuisvrouw in de gebouwen van de Parti Socialiste maar is al 15 jaar op ziekteverlof. Het is oudjaar en Jean en Louisa zitten bij kaarslicht aan tafel. De elektriciteit doet het al een paar jaar niet meer; de gas is afgesloten en van stromend water is er ook al geruime tijd geen sprake meer. En plotseling springen alle lichten in het huis terug aan. Er is elektriciteit! Louisa loopt naar het gasvuur en ja, er is opnieuw gas. Ze draait de kraan van de lavabo open en er is zelfs terug stromend water. Jean vertrouwt het niet en roept in paniek naar zijn vrouw: “Louisa, va chercher mon fusille! Les Flamands sont de retour!”.
Beste Vrienden,
Alle gekheid op een stokje maar het klopt dat Wallonië zonder Vlaanderen een Europees ontwikkelingsland van het type Albanië zou zijn. Na meer dan 179 jaar Vlaamse solidariteit richting Wallonië, na het dumpen van 12,68 miljard ontwikkelingsgeld per jaar in Waalse bodemloze putten kunnen we slechts vaststellen dat de sociaal-economische situatie in Wallonië er alleen maar op achteruit gaat: de werkloosheidsgraad is tweemaal zo hoog als in Vlaanderen. Het netto-inkomen is in Wallonië 16% lager dan in Vlaanderen, het bruto binnenlands product ligt in Wallonië bijna 40% lager dan in Vlaanderen. Zoals zo dikwijls met liefdadigheidsprojecten allerhande het geval is, verandert het pompen van veel geld structureel weinig aan datgene wat fundamenteel fout loopt. Jean-Marie Dedecker zei het al een aantal keren in het verleden: “In plaats van met gulle hand vis uit te delen kun je iemand beter leren vissen, dan heeft hij heel zijn leven vis te eten”. Of om het met andere woorden te zeggen: “Responsabiliseer Wallonië en leer ze zelf hun eigen boontjes doppen”.
Beste Vrienden,
Dames en Heren,
Vlaanderen moet leren strategisch denken. Indien Vlaams Minister-president Peeters de Walen rond de onderhandelingstafel van zijn dialoog wil dan mag hij niet aarzelen om de Vlaamse onafhankelijkheid als plan B naar voren te schuiven. Indien hij dat niet wil of kan volstaat het om te dreigen met de organisatie van een eigen Vlaams sociaal zekerheidssysteem te financieren met het geld van de miljardentransfers. De dreiging om een eigen Vlaamse sociale zekerheid op poten te zetten zal de Walen verplichten om toe te geven en de Vlaamse resoluties te realiseren. We moeten ons echter weinig illusies maken. De Vlaamse regering zal de eigen machtspositie niet valoriseren. De Vlaams Minister-president zal de troeven die hij in handen heeft niet uitspelen. De traditionele partijen kiezen voor het Belgische status quo en zullen dat blijven doen. De enige garantie om Vlaams geld in Vlaamse handen te houden en iedere Vlaming 2000 Euro extra per jaar te gunnen is het creëren van een eigen onafhankelijke Vlaamse Staat! De conclusie is duidelijk en ligt voor de hand: adieu aan de Walen, gedaan met betalen!
Kernwoorden: colloquium, conclusies, debat, Dewinter, miljardenstroom, slottoepsraak, solidariteit, Vlaams Parlement, Vlaamse Staatl, Wallonië



