44% misdrijven in Antwerpen gepleegd door vreemdelingen – persmededeling

gepubliceerd op 07 oktober 2014 om 11:46

Vreemdelingencriminaliteit

44% misdrijven in Antwerpen gepleegd door vreemdelingen

Vreemdelingen meer dan 3 keer zo vaak verdacht van misdrijven dan personen met Belgische nationaliteit

Algerijnen top(criminaliteits)kampioenen, gevolg door Roemenen

In antwoord op enkele schriftelijke vragen van gemeenteraadslid Filip Dewinter gaf burgemeester Bart De Wever cijfers vrij betreffende de misdaad in Antwerpen. Meer bepaald peilde Filip Dewinter naar de nationaliteit van de verdachten van misdrijven en de leeftijd van de daders en slachtoffers van misdrijven.

Uit het antwoord blijkt dat bijna de helft van de geïdentificeerde verdachten  van misdrijven die gepleegd worden op het grondgebied van de stad Antwerpen een andere nationaliteit heeft dan de Belgische. Dit is opvallend, gezien het grote aantal vreemdelingen dat de voorbije decennia en jaren de Belgische nationaliteit verwierf.

In 2011 had 42,9% van de verdachten niet de Belgische nationaliteit, in 2012 43,2%. In 2013 groeide het aandeel niet-Belgen onder de verdachten licht aan tot 44,5%. In de eerste helft van 2014 was 43,6% van de verdachten niet-Belg. Het aandeel niet-Belgen onder de verdachten blijft de jongste jaren dus vrij stabiel op een hoog niveau, namelijk bijna de helft.

Wanneer we het aantal misdrijven gepleegd door respectievelijk Belgen en vreemdelingen vergelijken met het aandeel van beide groepen in de totale Antwerpse bevolking  (zie kolom ‘J’ in Excell-tabel) blijkt dat vreemdelingen fors oververtegenwoordigd zijn in de verdachtenpopulatie. In 2011 waren vreemdelingen in Antwerpen verhoudingsgewijs 3,6 keer meer verdacht van misdrijven dan Belgen, in 2012 3,2 keer, in 2013 3,3 keer en in de eerste zes maanden van 2014 3,1 keer.

Van de buitenlandse nationaliteiten worden de Marokkanen het meest verdacht van misdrijven in Antwerpen, namelijk van 6 à 7% van de misdrijven in de periode 2011-2014. De tweede belangrijkste verdachtengroep in gans de periode 2011-2014 zijn de Nederlanders. Roemenië en Polen staan op plaats 3 en 4 (maar niet steeds in dezelfde volgorde). De volledige top 20 per jaar vindt u in het antwoord van de burgemeester.

Wanneer we aantal verdachten per nationaliteitsgroep vergelijken met het aantal personen van die bevolkingsgroep in de totale bevolking  (zie kolom ‘E’ in excell-bestand) stellen we vast:
-dat de Algerijnen de onbetwiste koplopers zijn qua aflevering van verdachten aan misdrijven. Zij waren de voorbije jaren tussen de 54 en de 83 keer zo vaak verdacht van een misdrijf als de personen met de Belgische nationaliteit.
-dat personen met de Roemeense nationaliteit de voorbije jaren liefst 15 tot 19 keer zo vaak verdacht zijn van een misdrijf dan personen met de Belgische nationaliteit. Zij staan (in verhouding tot hun aantal in de Antwerpse bevolking) steevast op de tweede plaats van leverancier van verdachten;
-dat personen met de Marokkaanse nationaliteit ongeveer 4 keer zo vaak verdacht zijn van een misdrijf dan personen met de Belgische nationaliteit. Dit geldt grofweg voor elk jaar in de periode 2011-2014.
-Turken worden relatief gezien minder verdacht van een misdrijf dan andere (niet-westerse) immigrantengroepen: tussen de 1,4 en 2, keer zo vaak als personen met de Belgische nationaliteit.

Voor het laatste volledige jaar (2013) vergeleken we de criminaliteitsgraad (verhouding verdachten / omvang bevolkingsgroep) van de 10 nationaliteiten die in absolute cijfers het meeste verdachten leverden:

Nationaliteitengroep    Verhouding aantal misdrijven / aantal van nationaliteit in bevolking

Algerije                            1,501
Roemenië                       0,347
Rusland                          0,109
Marokko                         0,078
Polen                               0,069
Frankrijk                        0,060
Nederland                      0,041
Spanje                             0,38
Turkije                            0,027
België                              0,018

Filip Dewinter: “Immigratie blijft de criminaliteitsstatistieken nog steeds de hoogte injagen en zorgen voor een toename van de onveiligheid in de stad. Het is onaanvaardbaar dat vreemdelingen – die overigens in grote getalen gebruik maken van de door de belastingbetaler gefinancierde sociale dienstverlening – misbruik maken van onze gastvrijheid om hier misdrijven te plegen. Vreemdelingen die hier een ernstig misdrijf plegen moeten het land worden uitgezet. Het hoge aantal criminele feiten dat gepleegd wordt door bepaalde categorieën Oost-Europese vreemdelingen is ook allicht een gevolg van het neerhalen van de grenzen. Het Vlaams Belang wil meer en efficiëntere grenscontroles om de grensoverschrijdende misdaad tegen te gaan.”

Jeugdcriminaliteit

1 misdrijf op 8 in Antwerpen wordt gepleegd door minderjarigen (2013)

Eén derde van overvallen gepleegd door -18-jarigen (2013)

Het aandeel minderjarigen onder de verdachten van misdrijven blijft hoog. In 2013 was één op 8 verdachten van misdrijven jonger dan 18. In de eerste helft van 2014 was dit 1 op 9. Bijzonder verontrustend is vooral het hoge aandeel minderjarigen onder de verdachten van zware misdrijven. In 2013 was 31% van de verdachten van diefstallen met geweld, 33% van de verdachten van gewapende diefstallen en zelfs 38% van de verdachten van handtasroven minderjarig. In de eerste helft van 2014 was 24,5% van de verdachten van diefstallen met geweld, 37,5% van de verdachten van gewapende diefstallen en zelfs 58% van de daders van handtasroven minder dan 18 jaar oud.

Filip Dewinter: “De minderjarige daders van misdrijven van vandaag zijn de zware criminelen van morgen. Er is dringend nood aan meer capaciteit in de instellingen voor jonge delinquenten en aan een volwaardig  jeugdsanctierecht die naam waardig. Jonge criminelen moeten opgesloten worden, zodat ze geen nieuwe feiten kunnen plegen, en daarbij een streng heropvoedingstraject krijgen. Ouders die mee verantwoordelijk zijn voor het gedrag van hun crimineel kind moeten aangepakt worden in hun portemonnee, via afname van het kindergeld.”

Ouderen slachtoffer van misdrijf

43% slachtoffers van handtasroven ouder dan 65

Via een andere schriftelijke vraag (vraag 2014_SV_219) peilde Filip Dewinter bij de burgemeester ook naar de leeftijd van de slachtoffer van misdrijven. Uit dit antwoord blijkt dat ongeveer 10 procent van de slachtoffers van misdrijven die in de periode 2011-2014 op Antwerps grondgebied gepleegd werden ouder is dan 65 jaar. Dit percentage ligt echter fors hoger bij handtasroven. Maar liefst 43 procent van de slachtoffers van een handtasroof is ouder dan 65. Het Vlaams Belang is van mening dat bij een geweldsmisdrijf als een handtasroof de leeftijd van het slachtoffer als strafverzwarende omstandigheid dient te worden beschouwd wanneer dat slachtoffer ouder is dan 65 jaar.

 

Wim Van Osselaer

Perswoordvoerder Vlaams Belang Antwerpen

 


Kernwoorden: , , , ,